Na al het koopgeweld van gisteren nu weer een dagje lakken. Op dit soort dagen valt pas op hoeveel houtwerk er in het huis is. Dat betekent ontvetten, schuren, oneffenheden plamuren, schuren, schoonmaken. En in sommige gevallen: gronden. Dan lakken, drogen, schuren, schoonmaken, lakken, drogen ….
Onnodig om te zeggen, maar dat redden we dus niet in wat nog rest van deze week. Er moeten dus keuzes gemaakt worden in wat er wel gedaan gaat worden en wat niet.
Een van de dingen die ik natuurlijk afmaak is de kastdeuren van de slaapkamerkast. Die had ik gisteren gedeeltelijk in de grondverf gezet, en maak ik vandaag af. Dan moet het 18 uur drogen voor ik het kan schuren en lakken.


Halverwege het gronden is de grijze grondverf op en moet ik verder gaan met witte grondverf. Mijn vader had helemaal gelijk toen hij me er op wees dat ik grijze grondverf moest gebruiken: op het donkere rood dekt die veel beter.
Meteen tijdens het gronden rijst weer de vraag wat te doen met de kleuren van de kastdeuren. Blauwtinten natuurlijk. Een lichtblauw en een donkerblauw. Maar hoe? De suggestie van mijn zusje Leela (in vertikale banen) liet ik gisteren zien. Maar ik ben daar niet 100% zeker over. Het staat zo “los” van elkaar. Dus ga ik weer knutselen achter de computer en kom hier op:

Dat is wel zucht wat meer werk. Maar ik vind het veel mooier. Goed, heb ik wat om over na te denken tijdens het schuren.
Intussen wit mijn moeder de keuken. Dat betekent ook dat de keukenkastjes die nu boven de plaats waar het gasfornuis (voorlopig) gaat staan er af moeten. Dat is nog een hele klus. Maar binnen een dag is de hele keuken gedaan.

Mijn vader heeft de naden in het gipsplafond gekit met speciaal voegmiddel voor gipsplaten. Helaas waren de balken waar de platen tegenaan geschroefd waren niet recht, waardoor het plafond ongelijk is… en waardoor het voegmiddel niet goed tussen de gipsplaten kan komen te zitten en de boel kan uitvlakken. Maar goed, daar is nu niks meer aan te doen.

Hier even een kiekje van het prachtig gipsplafond in het tussenhalletje, waar we kleine “sterrehemel” lampjes hebben ingebouwd.

De vorige bewoners hadden hun wasmachine achtergelaten. Maar als die net zo goed werkte als de achtergelaten magnetron (een Sharp met een een kapotte display), de achtergelaten bewateringsautomaat (doet het niet, waar we tijdens de droogte achter kwamen) of het zonnescherm (die automaat is een beetje van slag), dan vrezen we het ergste. Daarom moet deze eerst getest worden voordat we de onze wegdoen.

Maar hij lijkt het te doen… laten we hopen dat hij het blijft doen, want hij is min of meer ingebouwd achter het bad!
Aan het eind van de avond ga ik de sierlijsten voor de computerkamer in de latex zetten. Mijn moeder zet intussen het gipsplafond in de primer. Dat blijkt een verdunde lijm (houtlijm?) te zijn. Leuk als je daar niet op rekent. Alles plakt. Maar het werkt wel lekker snel.
En dan zit de dag er weer op, maar eerst nog even wat statistiekjes die mijn ouders verzameld hebben:
20 liter glasweefsellijm
50 liter latex (and still counting…)
120 meter glasweefselbehang
2 liter muurverf
5 liter roomkleurige lakverf