Aan alle kanten wordt er gevraagd hoe het nu met Bamf gaat.
Heel eerlijk gezegd: ik weet het niet. Ja het gaat goed met haar. Ze is duidelijk blij om thuis te zijn, blij met ons. Ook is ze lekker actief, heel alert, ze eet en drinkt goed en vangt weer vliegen.
Van de andere kant wordt ze wel weer steeds bleker. Waren haar slijmvliezen zaterdagochtend nog mooi diep roze, nu zijn ze weer heel lichtroze. Haar rode bloedcellen worden duidelijk nog steeds afgebroken. Die beenmergbiopsie is wel heel erg waarschijnlijk, maandag.
Het is gewoon afwachten, en dat is niet gemakkelijk. Ze heeft zo’n sterke wil, je ziet gewoon dat ze niet op wil geven. Ze blijft onvermoeibaar doorgaan, wil vogels vangen, muizen vangen, lekker met haar mensen knuffelen.
Ze geniet van het lekkere eten dat ze krijgt. De andere katten zijn wel jaloers. Bamf krijgt allemaal lekkere hapjes. Ze is dan ook niet meer zo mager als ze was.
Wat heel duidelijk is, is dat de hierarchie veranderd is. En de ligplekken. Kedua lag nooit op de “vensterbank” bij de tuin, en nu wel. Bamf ligt nu op de stapel jassen op mijn knutselhoek, waar Lockheed normaalgesproken ligt. Lockheed is daar niet blij mee maar heeft gelukkig nog haar “eigen” bureaustoel.
Het is hoe dan ook goed dat Bamf even een weekje kan herstellen van al die naalden die in haar gestoken werden. Haar keel ziet er uit als de arm van een junk. Het wordt ook steeds moeilijker om een plekje te vinden waar bloed geprikt kan worden. Haar vacht groeit ook alweer een beetje terug: niet meer die rare tondeuse-strepen, maar een gelijkmatig donsje.
Ik vertroetel en verwen haar dus maar, en verder is het afwachten.
Maandag horen jullie hopelijk meer.