Vandaag had ik weer een afspraak in Utrecht met Bamf. Vorige week ging het echt steeds slechter met haar, maar ja, er was niks anders aan te doen dan afwachten of de leukoran pil aan zou slaan.
Naar Utrecht gaan was nog niet zo makkelijk, omdat ik het vrijdag presteerde om wederom door mijn enkel te gaan. Met een kat en twee krukken al hobbelend met het OV (tram, trein, bus, lopen) naar Utrecht… tja ik had het gedaan als er geen andere oplossing was, maar leuk zou het niet zijn geweest.
Gelukkig konden we op het laatste moment de beste vriend van Fréderique strikken, Maarten. Hij moest eigenlijk werken, maar kon mij vóór zijn werk nog wel afzetten in Utrecht.
Vanochtend vertrokken we dus om 7 uur. Nog steeds akelig vroeg, maar lang niet zo erg als wanneer ik met het OV had moeten reizen. Omdat ik nu toch met de auto ging besloot ik om Kedua voor de zekerheid ook maar mee te nemen. Mocht een transfusie nodig zijn, dan hoefde ik niet morgen nog eens iemand met een auto te regelen.
Al bij het eerste onderzoek werd duidelijk dat Bamf er weer slecht aan toe was. Haar slijmvliezen waren weer papierwit, ze was flink afgevallen, en haar bloed zag er veel te waterig uit. De uitslag kwam dit keer razendsnel: ze had een rode bloedcelwaarde van 0,08!!
De dierenarts heeft onmiddelijk de Intensieve Zorg Afdeling ingeseind. En toen kwam het moeilijke gesprek. Wat gaan we doen en vooral: wat is zinvol.
Het lijkt er op dat Bamf onder de categorie bloedarmoede patienten valt waarbij geen oorzaak gevonden wordt, en die weliswaar niet direct dood gaat aan bloedarmoede maar ook niet genoeg reageert op de medicijnen om op te knappen. Met andere woorden: de prognose was een stuk slechter geworden.
Een bloedtransfusie was natuurlijk mogelijk, maar zou een groot risico zijn voor Bamf. Katten maken na een eerste transfusie namelijk antistoffen tegen het donorbloed aan waardoor een tweede transfusie lang niet altijd geaccepteerd wordt.
Verder zou het ook een risico zijn voor de donor: Kedua had een maand geleden ook al bloed gegeven. Nou zou een maand tijd ertussen genoeg moeten zijn, maar ideaal was het niet.
Het was een beslissing over leven of dood die ik op dat moment moest maken. Helemaal alleen, want Fréderique zat in het vliegtuig naar Finland. Maar net toen ik me bedacht had dat ik er ergens wel vrede mee zou hebben als ik Bamf deze week in zou laten slapen, kwam de dierenarts vertellen dat de andere specialist had voorgesteld de transfusie toch maar te doen.
Ik heb toen met de dierenarts afgesproken dat dit de laatste transfusie zou zijn. Overleeft ze dit, dan krijgt ze weer een behandeling met prednisolon en eventueel leukoran. Als dat weer niet genoeg aanslaat, dan is het gewoon echt over. Al met al zullen we dat dus over een week of drie weten.
Ik moet even tussendoor zeggen dat ik weer zeer tactvol behandeld ben door de medewerkers. Ook hebben ze me steeds geholpen met het dragen van de katten enzo, omdat dat voor mij met mijn krukken nou eenmaal wat lastiger was. Niet alleen de dieren krijgen er de beste zorg die er maar is, ook de baasjes worden niet vergeten.
Er werd een crossmatch gemaakt van Kedua’s bloed met dat van Bamf. De uitslag liet heel erg lang op zich wachten, pas tegen 13:00u was die bekend. In het lab stootte het bloed elkaar niet af, dus de transfusie kon doorgaan.
Wat ik heel bijzonder vond, was dat ik de hele tijd bij Bamf en Kedua op de IZA mocht blijven.
Ze zaten samen in een groot glazen hok, ik kreeg een stoel en heb daar bij ze gezeten. De zijkant is de hele tijd open geweest, want mijn katten zijn zulke lieve, makke beesten :-)

Vervolgens werd bij Bamf het infuus aangebracht: een mooi kraantje aan haar voorpoot met een prachtig blauw verbandje erom. Ze was er niet blij mee, maar ja, haar werd niets gevraagd.

Dan het bloed afnemen bij Kedua… Normaal gesproken krijgt de donorkat een roesje, omdat voor het bloedafnemen de kat stil moet zitten. Maar Kedua gedroeg zich zo voorbeeldig dat besloten werd om het zonder verdoving te doen. Jammer genoeg waren zijn aderen nogal moeilijk aan te prikken, waardoor er 3 keer een flinke naald in z’n keel gestoken moest worden. De taal die hij uitsloeg… dat had hij niet van mij geleerd hoor! Maar hij verzette zich niet teveel, en gaf uiteindelijk keurig de juiste hoeveelheid bloed.
Ze hadden wat lekker vlees voor hem gevonden dat hij in het hok op mocht eten. Maar hij was nog behoorlijk verontwaardigd over het stelen van zijn kostbare bloed. Maar de vermeende mishandeling was hij gelukkig al weer heel snel vergeten en liet hij zich uitgebreid bewonderen door alle studenten. Als een echte leeuw zette hij zijn kraag op, deed hij zijn ogen genietend dicht en lag hij met het hoofd hoog geheven de stoere bink uit te hangen.
Niemand kon geloven dat hij de zoon van Bamf was: zo’n enorme kater uit zo’n klein tenger poesje??
En wat was hij toch lief en dapper, een super lieve lobbes die alles met zich liet doen, en die zo intens genietend zijn moeder gezelschap hield tijdens haar transfusie.
Al moet ik zeggen dat hij Bamfs infuus met bloed ook heel interessant vond en er bovenop probeerde te gaan zitten.

Voor Bamf was het duidelijk ook veel beter dat ik er bij bleef. Was ze de vorige keer een heel zielig hoopje kat, nu lag ze redelijk op haar gemak, met een baasje dat haar voordurend knuffelde en bij haar bleef en haar brokjes gaf. Ze had razende honger omdat ze nuchter naar Utrecht had gemoeten, dus die brokjes gingen er wel in. Helaas kwam er een prednisolonpilletje achteraan, maar zelfs dat kon de pret niet drukken.
Kedua bekeek ze wel met argwaan. Die zoon van haar was vast uit op het inpikken van haar veilige doos-met-schapenvachtje. Maar goed, ze kon niet veel kanten op met dat rare rode draadje aan haar poot, dus ze moest het maar verdragen.


Om half 3 was het tijd om Maarten weer eens te bellen. Die zou tegen 3 uur weer terug zijn van zijn werk. Helaas werd dat door de file pas tegen half 4. Kedua was de terugreis erg stil, geen rare raceautogeluiden. Hij heeft bijna de hele weg geslapen. Pas toen we weer in Den Haag waren schrok hij wakker.
Het eerste dat hij deed toen hij thuis was, was een bakje vol brokjes leegeten, en vervolgens heel hard naar buiten rennen om te kijken of zijn territorium nog bestond.
Bamf blijft weer een paar dagen in Utrecht, ik hoop haar woensdag op te kunnen halen. En dan is het weer afwachten.
Wat een zware periode is dit voor jullie, en dan die voortdurende onzekerheid…
Ik hoop en bid dat de behandeling nu wel effect zal hebben! En ik blijf meeleven…