Warme chocolademelk

Het is winter, de feestdagen zijn voorbij, en daar is die grote lege winter. Wat is er dan lekkerder dan ‘s avonds met een beker warme echte chocolademelk opkrullen bij de openhaard?
Voor mensen die eens wat anders (lekkerders) willen dan die chemische nesquick is hier het perfecte chocolademelkmix recept van Alton Brown.

Ingrediënten:
2 cup zeer fijne kristalsuiker
1 cup cacao (Droste of Blooker)
2 1/2 cup melkpoeder (echte melk, geen koffiecreamer)
1 theelepel zout
2 theelepels maizena
snufje cayennepeper

Ik maal gewone kristalsuiker tot poeder in de keukenmachine, maar let daarbij wel op. Doet dat in korte pulsen, met regelmatig even de fijne mist luchten.
Ik houd van wat pit in mijn choco dus ik doe 2 a 3 theelepels peper, maar dat is natuurlijk helemaal naar smaak. Het is niet heet, maar het geeft een lekkere gloed achter op je tong.

Meng deze mix en bewaar in een afsluitbare pot.
Mijn verhouding is 3 eetlepels mix voor 1 beker choco (senseoformaat beker). Door de aanwezige melk kun je prima alleen water gebruiken, maar voor extra luxe resultaat ga ik voor opgestoomde melk. Alton geeft in zijn recept 1/2 beker van de mix aan maar in de bijbehorende Good Eats aflevering heeft hij het over 1/3. Dat laatste komt meer in de buurt.

De hoeveelheid suiker vind ik wat hoog (maar ik las in eerste instantie het recept dan ook niet goed en deed een halve cup suiker teveel in de mix), ik denk dat anderhalve cup voor mijn smaak meer dan genoeg is.
De maizena geeft een fluweelzachte romige textuur en sla vooral het melkpoeder niet over. Bij de meeste toko’s en etnische winkeltjes zijn wel gele blikken melkpoeder te koop. Het gaat om echte melk, geen creamer.

De bovenstaande hoeveelheden zijn genoeg voor een aardig voorraadje. Je hoeft de hoeveelheden niet exact aan te houden, het zijn verhoudingen en is naar smaak. Speel er mee. Ik beloof je, je hebt nog nooit zulke lekkere chocolademelk geproeft!

Nieuwe bonbons

Zoals al langere tijd traditie is, trakteer ik met mijn verjaar op het werk bonbons (zelfgemaakt uiteraard).
Dit jaar wilde ik iets gedurfders dan hazelnoot praliné’s en kokos-limoen en heb ik me laten inspireren door de bonbons van Kees Raat. Hij heeft een boekje uitgebracht met daarin de recepten van zijn bonbons met bijzondere smaakcombinaties. Denk aan Amandel-Ansjovis of Wasabi of Geconfijte Knoflook.

Ik heb drie smaken gemaakt: Honing-Pistache-Pijnboompitten noga (met een jasje van chocolade), Tomaat-Balsamico en Sinaasappel-Kruidnagel.
Als chocolade heb ik callets van Callebaut gebruikt. Die had ik nog niet eerder geproefd en ik moet bekennen dat ik ze veel te zoet vind. De smaak van de chocolade is mooi rijk, maar ik houd gewoon niet van zoete chocolade. Geef mij maar bitter en intens. Volgende keer Valrhona, die is zoals ik het het lekkerst vind (maar ook meteen twee keer zo duur).

De noga was wel bijzonder. Ik heb nog nooit noga gemaakt. Achteraf vind ik het ook geen echte noga. Ik denk dan aan dat Montelimar spul. Wat ik nu gemaakt heb noem ik eerder caramel.
De basis wordt gemaakt van room en honing, die verhit wordt tot 129 C. Dat is wel grappig. Tot 100 graden ben ik nog voorzichtig (moet ook), maar de magie begint pas echt daarboven. Bij 100C gaat alles natuurlijk flink bruisen en bubbelen. Bij 120C verandert opeens de consistentie. Van licht en luchtig wordt het stroperig en geconcentreerd. Daarna meteen over de geroosterde noten gieten in een met bakpapier beklede vorm.

De Tomaat-Balsamico heb ik gekozen (eigenlijk hebben mijn collega’s de bonbons uitgekozen, maar dit was toevallig ook mijn keus) uit nieuwsgierigheid. Een ongebruikelijke smaakcombi in bonbons. Hoe zou dat uitpakken?
De azijn verwarmen met de tomatenpuree, suiker carameliseren, en dan de azijn bij de caramel gieten. Ik was wat huiverig, want als je een te koude vloeistof bij kokend hete caramel gooit gaat het heel erg gruwelijk mis. De azijn was gelukkig goed warm en alles ging goed.
Dan een homogeen mengsel maken met chocolade en boter. Yeah right. Volgens mij moet ik het daar meer voor laten afkoelen, want dat ging maar heel moeizaam.
Wederom in een bakvorm gieten en af laten koelen.

Tot slot de Sinaasappel-Kruidnagel. Mijn favoriete combi met chocolade, maar ik weet ook dat niet iedereen hier zo’n fan van is. Bedriegelijk simpel: Sinaasappelsap (biologisch, vers geperst), rasp van 2 sinaasappels (microplane raspen raspen schil zo fijn dat er geen greintje wit mee komt, geweldig) en wat kruidnagels samen een tijdje laten trekken. Witte chocolade erbij. Mijn witte chocolade was net niet meer genoeg, dus aangevuld met een beetje melkchoco. Dat geeft eigenlijk een nog betere kleur ook.
Bij het uitlikk- ehm, afwassen van de pan was ik al helemaal verkocht aan deze smaak. Gelukkig heb ik de meeste bonbons in deze smaak.

De dag erna de bovenkanten van de plakken insmeren met getemperde chocolade en hard laten worden. Daarna in blokjes snijden.
Tip: snijd pas in blokjes nadat je de bonbons flink gekoeld hebt, en ze niet – zoals bijna alle batches bij mij – op kamertemperatuur zijn. Dan krijg je chocoladescherven.

Nog meer chocolade smelten en proberen te temperen. Wat vanochtend zo goed lukte, gaat nu echt voor geen meter. Volgend jaar misschien. Het moet me ooit lukken. De hoge temperatuur bereiken lukt, koelen naar de lage temperatuur gaat ook, maar het op temperatuur houden lukt me gewoon niet. Met als resultaat gemengd dof/glanzend gestreepte of gestippelde bonbons. Ooit ga ik het leren.

En ja, als vanouds kom ik er tegen het eind achter dat ik toch echt veeeeeeeeeeel te veel bonbons heb. Ik geef mijn lief morgen maar de helft mee, anders eten we op mijn werk over twee weken nog steeds bonbons.

Ik heb een beperkte fotosessie gemaakt. Het zijn nieuwe bonbons voor mij en daar heb ik eigenlijk al mijn aandacht voor nodig. Niemand heeft er iets aan dat ik zout ipv suiker pak, maar wel prachtige foto’s heb. Maar goed, een kleine indruk dus.

Gekookt eitje

Een ei koken, wie kan dat niet. Het simpelste dat er is… zou je zeggen. Toch is het ene gekookte ei het andere niet.
Sinds kort kook ik eieren volgens de “Alton Brown” methode. Okee, hij heeft het niet uitgevonden, maar hij heeft het onder mijn aandacht gebracht.

Het is heel simpel: breng een bodempje water aan de kook in een pan en zet er een stoommandje op (ik heb een hele handige van siliconen, maar je kunt ieder stoomding gebruiken). Prik de eieren in, doe ze in het stoommandje, deksel op de pan en laat dit ongeveer 12 minuten stomen. Daarna meteen in ijskoud water dompelen, pellen en genieten.
Die 12 minuten geldt alleen voor hele grote eieren. Wanneer ik henne-eieren van de boerderij kook (klein tot medium), zit ik op 9 minuten. Het eigeel is net aan gestold, maar nog lekker cremig, het eiwit is zacht, maar gestold. De smaak is gek genoeg beter dan bij “gewoon” gekookte eieren. Of misschien is dat psychisch. Hoe dan ook: ik vind het lekker.

Brownies

Ik ben helemaal verslaafd aan de kook-serie Good Eats (op FoodTV). De recepten zijn leuk, simpel en vooral lekker. Ieder recept dat ik tot nu toe heb gemaakt is geweldig.
Ik zou geen chocoholic zijn als ik de chocolade recepten niet meteen had uitgeprobeerd. De chocolade mousse is zalig, maar mag toch wat suiker bevatten (staat niet in het recept). De brownies heb ik nu twee keer gemaakt en zijn gevaarlijk lekker. De tweede keer heb ik vanaf halverwege foto’s gemaakt en die wil ik met jullie delen.
Het recept staat hier. Het is amerikaans, daarom heb ik voor ons nederlanders een kleine vertaalslag gemaakt.

Ingrediënten:

  • Boter om de browniepan mee in te smeren
  • bloem om de beboterde pan mee te bedekken
  • 4 grote eieren (als je kleine eieren hebt, neem er dan 5 of zelfs 5 + 1 dooier)
  • 1 cup kristalsuiker
  • 1 cup lichtbruine basterd suiker (of donkerbruin)
  • 1 pakje roomboter (250 gr), gesmolten
  • 1 pakje cacaopoeder
  • 2 volle theelepels vanille extract
  • 1/2 cup bloem, gezeefd
  • 1/2 theelepel zout
  • Het exacte recept moet je maar van de Food Network site halen, maar ik heb wat foto’s om het proces te illustreren:

    Mix het cacaopoeder in kleine beetjes door het ei-suiker mengsel.

    Dit is het brownieblik: beboterd en deels bedekt met een strook bakpapier voor het gemakkelijk verwijderen van de brownies zodra ze gaar zijn.
    Zoals je ziet ben ik vergeten het beboterde blik te bedekken met bloem. Dat is in dit geval geen probleem, maar wil je zeker zijn dat er niks gaat plakken, doe dit dan wel.

    Voeg de bloem toe aan het cacao mengsel. Ik zeef de bloem boven de kom zodat er geen klontering mogelijk is. Je hoeft dit niet te doen.

    Giet het ongelooflijk kleverige mengsel in de browniepan. Ik gebruik een siliconen spatel om de kom schoon te schrapen en alles in het blik te krijgen.

    Ik heb een wat grotere oven (90 cm) dan die gebruikt wordt in het oorspronkelijke recept, dus 45 minuten baktijd zijn voor mij absoluut niet genoeg. Ik doe er minimaal 20 minuten bij, maar met 30 minuten zijn ze nog steeds licht vochtig aan de binnenkant.
    De tip van Good Eats presentator Alton Brown om de brownies na het bakken meteen te snijden met een pizza-cutter (zo’n circelmesje) is briljant. Dat gaat heel makkelijk, zeker omdat je de brownies makkelijk uit de pan tilt door de strook bakpapier.
    Daarna af laten koelen op een rekje en smullen maar!

    Warmgerookte zalm

    Het weer zal de komende week om slaan, dus is het zaak om nog lekker even van die laatste zonnestralen te genieten. Wat past daar nou beter bij dan iets heerlijks van de bbq.
    Sateh (kip, geit of zalm) eten we met dit weer bijna dagelijk. En om heel eerlijk te zijn, zelfs de lekkerste sateh komt op een gegeven moment je neus uit als je die te vaak achter elkaar eet. Maar wat dan?

    Roken!
    Ik heb al vaker geëxperimenteerd met warm roken, maar meestal in de oven. Jeweetwel, van die kant en klaren rookzakken die bij de Bijenkorf te koop waren. Erg lekker, maar ook erg duur en er past niet veel in zo’n zak.
    Ik heb ook al vaak overwogen om zo’n Cameron rookoven te kopen. De prijs heeft me tot nu toe weerhouden. Gek eigenlijk. Als het wol of iets voor mijn computer zou zijn geweest had ik er geen moment over getwijfeld. Maar met keukendingen heb ik altijd de wijsheid om me af te vragen of zoiets niet na een paar keer zeer enthousiast gebruiken werkeloos in een keukenkastje verdwijnt. Om daar pas bij de volgende verhuizing weer uit te geraken.
    Ik spreek uit ervaringen, dat moge duidelijk zijn…

    Tot ik op een paar zakken rookhout (Hickory en Mesquite) stuitte bij de bbq spullen. Dat zwengelde mijn interesse meteen weer aan. De eerste experimentjes daarmee waren minder geslaagd. Teveel rook, en vooral te veel hitte. Geschikt voor het roken van knoflook nadat de sateh van de bbq af is en het vuur bijna uit is, maar niet echt voor vlees en groenten. Dat is overigens echt aan te raden hoor, gerookte knoflook. De gare knoflook daarna uitknijpen over een geroosterd broodje of mengen met mayonaise. Als je die zelf maakt: maak hem niet te zuur. Dat combineert niet lekker met de knoflook, vind ik. De scherpe knoflook smaak verdwijnt helemaal bij het garen, en wat er achter blijft is heerlijk rokerig, romig en zacht, met een vleugje knoflook.

    Terug naar het roken.
    Op deze website: http://www.bluesmoke-bbq.nl trof ik de combinatie aan die ik zocht: indirect bbq-en en roken. Door het indirecte bbq-en gaart het vlees/vis/whatever niet zo snel en de toevoeging van rook is een lekkere extra.
    Zo gezegd zo gedaan.
    Ik heb mesquite houtsnippers geweekt in water. Doe dat echt lang van te voren, langer dan de aangeraden 30 minuten. Een paar uur kan geen kwaad, op de bovengenoemde website wordt zelfs gesproken van een paar dagen… maar daar worden grotere brokken gebruikt.
    Op de markt heb ik twee mooie dikke stukken zalmfilet zonder huid gekocht. Misschien had ik voor het roken beter met huid kunnen kopen. De zalm een paar uur van te voren gemarineerd in het sap van een grote citroen, en gelijke hoeveelheden mushroom soja en olijfolie.
    Dan de kolen aansteken, zodra ze grijs beginnen te worden in de geprepareerde bbq, de lekbak gevuld met een liter water en een klein handje nat hout op de kolen gelegd. Gewacht tot de rook zich ontwikkelde en de zalm op de bbq gelegd. Kap dicht en dan drie kwartier wachten.
    Dat is nog wel het moeilijkste, dat wachten. Ik ben gewend om tussendoor even te kijken of alles goed gaat, om de vis om te draaien of het vuur te regelen. Bij het roken is dat niet zo’n goed idee. De kap optillen = rook en hitte laten verdwijnen. Zonde.
    Na 30 minuten toch gespiekt en nog een klein beetje hout toegevoegd. Stokbroodjes bij de vis op de bbq gelegd en de kap weer dicht gedaan.
    Zodra de drie kwartier om zijn de zalm op borden laten rusten en de stokbroden in de oven af laten garen. Dat ging namelijk niet zo best boven water: ze bleven zacht.
    En even later hadden Fréderique een fantastische maaltijd van perfect gerookte zalm. Dit is echt voor herhaling vatbaar en het erg makkelijk. Je hebt er geen omkijken naar, heerlijk.
    Volgende ga ik dit met kip proberen en dan zal ik foto’s maken.

    Bagels

    Aangezien er zoveel positieve reacties kwamen op mijn vorige Whatscooking-post-met-foto’s, heb ik uit de oude doos de fotosessie van het maken van bagels opgediept.

    Iedereen weet wel wat bagels zijn: die stevige ronde broodjes met een gat erin. Ze zijn wat stug van textuur, joods van oorsprong, en worden vooral geassocieerd met zalm, roomkaas en bieslook.
    Ik ben dol op bagels, maar als je ze in de supermarkt koopt zijn ze vaak onnodig taai en oud. Er gaat niets boven versgebakken brood en dat geld zeker voor deze heerlijkheden.
    Ze zijn echter bewerkelijker dan gewone broodjes: je moet ze pocheren voor je ze gaat bakken. Het deeg is ook droger dan dat van gewoon brood en dat maakt het kneden een heel stuk zwaarder. Gelukkig heb ik daar de ultieme keukenmachine voor: een liefhebbende echtgenoot.

    Ingredienten

    • 8 el melk
    • 1 ei
    • 2 tl suiker
    • 1 el olie
    • 240 gr broodbloem
    • 2 tl zout
    • 2 tl gist

    Meng alle ingrediënten en kneed ze minimaal 15 (maar liever 20) minuten tot een soepel, slap deeg. Het deeg begint plakkeriger dan ik gewend ben en het duurt erg lang voordat een werkbaar deeg ontstaat. Geen paniek en zeker geen bloem toevoegen.
    Broodbloem is beter omdat het meer vocht opneemt, maar helaas heb ik geen molen in de buurt en geen tijd meer om naar de molen in Delft af te reizen, dus moet ik het met de bloem van de verschillende etnische winkeltjes hier in de buurt doen.

    Zodra het deeg heel erg soepel is, laat je het een uur op een warme plek rijzen. Sla het deeg terug en kneed het weer tot het soepel is. Laat het deeg nu 30 minuten rijzen.
    Verdeel het deeg in 8 a 10 porties en rol er rolletjes van. Die vorm je tot bagels. Laat de bagels op een warme plaats een laatste keer 15 minuten rijzen.

    Breng in een brede pan ca 2 liter water aan de kook met daarin een eetlepel suiker opgelost. Laat 1 of 2 bagels in het kokende water glijden, kook ze 2 minuten, keer ze voorzichtig om en kook ze nogmaals 2 minuten.
    Let op, de bagels zakken in het begin naar de bodem van de pan en hebben de neiging om daar te bivakkeren. Dat is niet de bedoeling, dus ik werk ze na 1 minuut voorzichtig los van de bodem.

    Haal de bagels met een schuimspaan uit de pan en laat ze uitdruppen op een rooster. Plaats ze daarna op een ingevette bakplaat. Het oorspronkelijke recept vraagt om een niet ingevette bakplaat, maar mijn ervaring leert dat je dat beter wel kunt doen.

    Verwarm de oven voor op 200 graden. Smeer de bagels in met wat losgeklopt ei en bestrooi naar smaak met wat grof zout, sesam of maanzaad.

    Bak de bagels in 20 minuten goudbruin.

    Je kunt de bagels warm eten, of ze laten afkoelen. Koud zijn ze wat taaier, maar doen ze het nog altijd erg goed. Mochten er bagels over blijven tot de volgende dag, dan kun je ze op de amerikaanse manier toasten.

    Hazelnoot truffels

    Caveat lector! De volgende serie afbeeldingen kan heftige reacties veroorzaken.
    Ik verklaar hierbij dat ik geenszins verantwoordelijk ben voor enigerlei schade in het bijzonder maar niet uitsluitend: overmatig kwijlen, choco-shoc, onbedwingbare neiging tot het opeten van chocolade in welke vorm dan ook, overmatig chocolade naar binnen werken of suiker-high voortvloeiend uit het bekijken van de volgende foto’s.

    Ingrediënten
    (zoals je weet houd ik me hier zelden aan, het zijn indicaties, geen onbreekbare wetten)

    • 125 gram melkchocolade
    • 50 gram boter
    • 2 el slagroom
    • 50 gram gepelde hazelnoten
    • 250 gram pure chocolade

    Dat-Lucht-Op-soep

    Omdat ik al de hele week ziek ben (voorhoofdholte ontsteking, koorts, hoesten, dat soort stuff) heb ik niet bepaald veel zin om te koken. En niet veel honger.

    Maar deze soep eet ik nu al twee dagen en ik knap er heel erg van op. De basis is een zelf gemaakte basic kippenbouillon. Gelukkig had ik nog wat botten in de vriezer liggen. Die gewoon opzetten met koud water, deksel op de pan, aan de kook brengen, en dan op een zacht pitje een middagje laten sudderen.

    Normaal gesproken zou je een bouquet-garni toevoegen, maar omdat ik er een pittige thaise soep van ga maken, doe ik dat nu niet. Giet de soep door een zeef om alle botten, vellen en kraakbeen eruit te halen. Zet de gezeefde bouillon weer op een middelmatig vuur en laat het een beetje inkoken. Ik heb nu totaal geen smaak, dus het is dit keer meer voor het idee dat het wat krachtiger wordt…

    Voeg dan de standaard ingredienten van een Tom Yum soep toe: citroengras, limoensap, pepers, veel pepers (nou ja relatief dan, die kleine thaise pepertjes zijn verschrikkelijk heet), gember, vissaus en een schepje suiker. Het gaat me dit keer niet om de balans van de smaken, dat proef ik toch niet, maar om mijn voorhoofdholtes lekker schoon te branden ;-)

    Gisteren was de enige vulling die ik in de soep had gedaan een gesnipperde halve ui. Dat was de andere helft van de ui die ik in dunne reepjes gesneden naast mijn bed had staan. Er gaat niets boven op een reepje ui sabbelen om je weer wat beter te kunnen ademen. En vreemd genoeg verzacht het de keel. Maar vandaag heb ik er wat rulgebakken gehakt aan toegevoegd.

    Een supersoep die ik zeker ga onthouden.

    Chocoholics Weblog

    Via een mailinglist kreeg ik de link van deze website: http://chocolade.web-log.nl/ Aangezien ik een echte mega-chocoholic ben, ben ik direct gaan kijken. Wauw! Fantastisch! En wat leuk dat iemand een weblog op zet met zoiets als thema. Je moet het maar bedenken.

    Update Vijzel

    Okee dit is best wel een domper op de vijzel-vreugde. Nee hij doet het nog steeds heel goed. Maar gisteren liep ik op de markt en zag exact dezelfde vijzel, zelfde doos, zelfde grootte… voor maar 11,50!! Betekent dus dat we bij de kookwinkel voor maarliefst 20 euro afgezet zijn. Ik troost me dan maar met de hoop dat de vijzels op de markt van b-keuze partijen afkomstig zijn…

    Het is dat we de vijzel al gebruikt hebben, anders was deze linea recta terug naar de winkel gegaan. Jammer hoor. Maar dat leert ons: ook op het gebied van keukenhulpjes eerst prijzen vergelijken, ook op de markt.

    Brood!

    Werkelijk zaaaaalig brood gemaakt afgelopen weekend. Jamie Oliver’s Focaccia, met de hand gekneed. Ja, mijn trouwe ouwe broodbakmachine werkt nog steeds, maar het geeft zoveel meer voldoening om het deeg met de hand te kneden. Het is wel heel erg zwaar, zeker voor mijn handen, maar het lukt. En dan het gevoel… dat prachtige gladde, zachte deeg… en het heeft ook een veel betere structuur.

    Er is niks simpelers dan brood maken, maar je moet wel goed op de verhoudingen letten. 1 kilo wit meel, 30 gram zout, 30 gram suiker, 21 gram droge fermipan gist en 6 1/4 dl lauw water. Dat is de basis. Meer niet.

    Okee, hier volgt Jamies recept: * Zorg dat het meel op kamertemperatuur is (ik bewaar het in de vriezer, dus moet het op tijd eruit halen), stort het op een grote berg op een schoon aanrecht. Als je, zoals ik, een niet zo diep aanrecht hebt, kun je het het beste beginnen in een hele grote mengkom…

    • Meng zout door het het meel.

    • Los de suiker op in het lauwe water. Je kunt ook honing gebruiken. Laat de suiker niet weg, zelfs niet als je een suikerarm dieet volgt. Het wordt namelijk helemaal opgegeten door de gist. Zonder de suiker zal je brood niet rijzen!

    • Maak een kuiltje in de berg meel, en doe daar de gist in. Giet het water erop.

    • Roer langzaam met een vork wat meel van de randen van de kuil door het water. In het begin is het een waterig mengseltje, bijna lijmachtig. Blijf roeren en mengen tot het wat droger begint te worden.

    • Nu kun je beginnen met kneden. Als je het deeg in een mengkomt hebt aangemaakt, kun je het nu wel eruit halen en op het aanrecht verder gaan. Kneed het tot het helemaal glad en soepel is. Minimaal 5 minuten!

    • Daarna moet het rijzen, doe het daarvoor in een zeer grote mengkom (denk er aan, het deeg gaat verdubbelen in hoeveelheid!) en dek het af met huishoudfolie. Zet het 30 minuten op een warme, tochtvrije plaats.

    • Nu maak je de olie: Plet 3 tenen knoflook met wat takjes rozemarijn grofweg. Het hoeft geen pulp te worden. Doe er een goede olijfolie bij. Laat dit even trekken.

    • Na 30 minuten, of langer, als het deeg zich dan nog niet verdubbeld heeft, haal je het uit de kom en sla je alle lucht eruit. Kneed het maximaal een minuut door en rol het uit op een bakplaat. Zorg dat het deeg overal even dik is.

    • Pak een hand van het olie/knoflook/rozemarijn mensel en knijp het uit boven het deeg. Druip de olie over het hele deeg, tot het goed bedekt is. De kruiden kun je nu weggooien.

    • Duw met je vingers nu putjes in het deeg, tot op de bodem. De olie zal in deze putjes lopen.

    • Laat het deeg weer rijzen op een tochtvrije plaats. Afdekken is niet nodig. Ik zet het zelf op het gasfornuis.

    • Verhit intussen de oven voor op 220 graden.

    • Na 30 minuten plaats je het deeg voorzichtig (!) in de oven. Door het rijzen is veel van de olie in het brood opgenomen. Laat het 15 a 20 minuten bakken in de oven. Zelf doe ik daarna nog 5 minuutjes de grill aan.

    Daarna… smullen maar en uitkijken dat je je vingers en je mond niet verbrand!

    Een nieuwe vijzel

    De laatste tijd gebruiken Fréderique en ik de vijzel weer steeds vaker. Natuurlijk doordat we zoveel Jamie Oliver kijken. En het is ook leuk, kruiden en specerijen tot pulp of poeder stampen. Je kunt er veel aggressie in kwijt… Maar het probleem is dat we een hele onhandige platte stenen vijzel hebben. Een lekker prutje maken zit er dus niet in, en als je te hard stampt schiet alles alle kanten op. Niet de bedoeling dus.

    Daarom hebben we vandaag bij de kookwinkel een nieuwe vijzel gekocht. We gingen eigenlijk voor een grof-stenen, zoals we al hadden, maar dan veel groter en dieper. Die verkochten ze daar niet, ik had ze wel bij de toko in de Markthof zien staan voor rond de 30 euro. Bij de kookwinkel En Garde hadden ze wel die akelige keramische vijzels. Leuk voor pillen en poeders (echte apothekersdingen) maar niet om mee te koken. En er stond een black beauty… een prachtige gietijzeren vijzel. Geweldig! Lekker zwaar, bijna onverwoestbaar, ruw aan de binnenkant voor goede wrijving. En hij was 31,50 dus niet echt veel duurder dan de stenen exemplaren.

    Die hebben we dus gekocht, en thuis meteen gebruikt om knoflook te malen voor een lekkere aïoli!

    Suikermais uit de magnetron

    Het maisseizoen is weer aangebroken. Ik ben dol op mais, heerlijk, zeker rechtstreeks van de kolf. Free houdt er helaas wat minder van, nog wel van de kolf op de bbq, maar losse mais vindt hij te snel overheersen. Hij is er nu niet, dus de bbq ga ik daar niet voor aansteken. Maar ja, als je ze op de markt 5 voor een euro ziet liggen, dan is dat een te grote verleiding.

    Ik heb maiskolven nooit eerder op een andere manier dan bbq klaargemaakt, maar even googelen leverde genoeg recepten op. Ik heb de maiskolf van bladeren en haren ontdaan, daarna afgewassen onder de kraan en met aanhangend vocht in de magnetron gedaan. 5 minuten op vol vermogen (op de helft even omdraaien), daarna een klein klontje boter erover smeren en rijkelijk bestrooien met versgemalen peper. De kolf in 2 stukken snijden (dat eet makkelijker), vork erin prikken en kluiven maar!

    Free’s Mixie

    Free wordt een steeds betere kok. Nog even en hij streeft me voorbij! Dat krijg je als je je man kookprogramma’s laat kijken en hij alles vol interesse in zich op neemt. En hij lekker creatief is, niet bang om zelf te experimenteren.

    Dus hij heeft gisteren een heerlijke kruidenmix voor me gemaakt. Heel eenvoudig, met de vijzel wat gedroogde rawits, grof zeezout en zwarte peper fijnmalen. De verhouding is even moeilijk. Ongeveer 3 peperkorrels, op 2 rawits, op 2 zoutbrokjes. Ja ik weet het, dat is moeilijk afwegen :)

    De mix is er pittig, maar heeft een mooie voorsmaak (zout), scherpe, aromatische middentonen (rawits) en de heerlijke warme nasmaak van de zwarte peper. Gebruik er niet teveel van, want het is nogal sterk. 1 klein theelepeltje op 3 eieren voor een omelet is bijv. meer dan genoeg.

    Butternut Sqash

    Tja ik heb geen idee hoe dit ding in het Nederlands heet. Het is een pompoen, zo’n peervormige.

    Geïnspireerd door Jamie Oliver besloten we dat we dit ook eens moesten proberen. Men neme zo’n butternut dinkie. Snijd hem in de lengte in kwarten. Laat de zaadjes lekker zitten, die worden heerlijk knapperig. Jamie gebruikte een restje van de kipmarinade om de pompoen me in te smeren, dus die marinade maak ik snel ff: twee teentjes knoflook, scheut olie, beetje limoenrasp, takje rozemarijn, snufje zout, lekker pletten, en de pompoen ermee insmeren. Een half uur in een voorverwarmde oven op 220 graden (celcius). Okee, dat is wat te lang. Ik vond hem een beetje uitgedroogd. Volgende keer 20 minuten, en dan even kijken. Maar eerlijk gezegd heb ik ook geen idee of het ding rijp was. Hoe zie je dat?? Hij is keihard!

    De smaak is echt heerlijk, heel voldoenend ook. Een beetje een kruising tussen een (zoete) aardappel en een wortel. Ik houd niet van aardappelen, maar dit vind ik wel erg lekker.

    Soort van Dim Sum

    Geïnspireerd door Jamie Oliver in Oliver’s Twist, en door mijn recentelijke ontdekking van Dim Sum, besloot ik om iets wat er op lijkt te maken. Helaas had ik de aflevering niet opgenomen, dus had ik Jamies recept niet, maar niet getreurd, ik ben creatief genoeg…

    Men neme wontonvelletjes. Die dingen kosten bijna niks en zijn bij de betere toko te koop. Verder kun je allerlei restjes gebruiken voor de vullen. Groenten, vlees, vis, kruiden… Ik had een enkele kipfilet en een klein bieflapje over dus die vormden de basis voor de vulling bij mij. Eerst een stuk of 3 grote sjalotten met 3 tenen knoflook (alles wat ik nog had helaas), een rode en en een groene peper in de keukenmachine tot een pasta malen. Een eetlepel thaise knoflook-chilipasta erbij en twee eetlepels vissaus. Vlees toevoegen en helemaal fijnmalen. Een beetje chunky houden is ook wel lekker, dus je zou het ook met de hand fijn kunnen hakken. Tot slot een hele grote scheut ketjap manis erbij. Proef of de smaak goed is. Dat doe je natuurlijk niet rauw, maar je bakt een mespuntje van de farce in een pannetje als een soort mini-hamburger. De smaak moet, net als bij een paté-farce, wat te sterk zijn. Het gaat namelijk in deeg gestoomd worden.

    Intussen heb ik de wontonvelletjes ontdooid. In het midden van een vel leg ik een theelepel van het mengsel. Maak de vier randen eromheen nat met water (of een losgklopt eitje), en vouw het tot een driehoekje, waarbij je het vel rondom de vulling goed platdrukt. Je kunt natuurlijk een andere vorm maken, net wat je wilt. Ik vouw het daarna nog een keer tot een soort tortelini-vorm.

    Breng een bodempje water in een wok aan de kook en zet het bamboestoommandje erin. Vet de bodem van het mandje in, of leg er een velletje bakpapier in (zodat de dim sums niet aan de bodem kleven). Stoom de dimsums ongeveer 8 minuten, zorg dat ze elkaar niet raken, want dan gaan ze aan elkaar plakken :)

    Eet ze direct op zolang ze warm zijn.

    Speculaas

    Bij Sinterklaas hoort natuurlijk Speculaas. Het is nu even niet zo’n vrolijke tijd, door het overlijden van Rogier, maar het leven gaat ook door. Dus heb ik vanavond een lekker troostende bakplaat vol speculaasbrokken gemaakt. Een erg geslaagd recept!

    250 gram zelfrijzend bakmeel 100 gram boter 150 gram donkere bastertsuiker 2 el speculaaskruiden 1 el gemberpoeder snufje piment 4 el melk (of zoals ik heb gedaan: 4 el melkpoeder en 4 el water) Beetje water om het deeg samenhangend te maken

    Meel zeven, suiker en specerijen toevoegen. Boter er snel doorheen kneden tot het een korrelig deeg is. Melk (en water) erbij tot het een soepele, iets droge deegbal is. Het deel in de folie in de koelkast een half uur laten rusten. (Nog beter is het om dit een nacht te doen) De oven voorverwarmen op 170 graden, ruime bakplaat invetten en de deegbal uitrollen tot ongeveer 1 cm dik. Zorg dat er genoeg ruimte is, want het spul gaat nog rijzen. Bestrijken met een losgeklopt eitje en evt. amandelen erin drukken. De speculaas zo’n 45 minuten laten bakken in het midden van de oven. Daarna af laten koelen. Pas als het helemaal afgekoeld is, is het helemaal knapperig. In stukken breken… jammie!

    Kruidnootjes

    Omdat Sinterklaas weer in ons land is, moesten we gisteravond eigenlijk onze schoen zetten. Maar? daar gaat zo weinig in! Daar heb ik wat op gevonden: ik heb de oven gezet. Heel simpel: 3 sinterklaasliedjes zingen voor de oven, je stopt er een wortel, een boterham voor het paard en een mooie tekening in voor de Sint. Lekker gaan slapen. En? de volgende dag zit de oven vol met heerlijke verse kruidnootjes en twee pepernotenletters.

    Voor mensen die het ook willen proberen heb ik hier het recept:

    300 gr. zelfrijzend bakmeel 140 gr. bastertsuiker (vind ik erg veel, 100 gr. is genoeg) 150 gr. boter op kamertemperatuur 2 el speculaaskruiden (ik zal later een recept hiervoor posten) 5 el melk 2 el stroop

    Meng alle droge ingredienten door elkaar. Ik maak het deeg in de keukenmachine, dus doe ik daar alles bij elkaar in. Omdat ik geen melk in huis heb, maar wel magere melkpoeder heb ik 3 el. melkpoeder gebruikt en 5 el water. De stroop moet volgens mij wel een suikerstroop zijn, geen appelstroop. Het oorspronkelijke recept bevat maar 3 tl. speculaaskruiden, maar dat vind ik wel erg weinig. Je kunt het deeg gewoon proeven terwijl je het maakt, dus kijk maar wat je zelf lekker vindt.

    De machine lekker laten kneden, en binnen een paar minuten heb je een prachtig droog, glanzend deeg. Dat laat ik dan minimaal een uur in de koelkast rusten. Intussen verwarm ik de oven voor op zo?n 175 C. Ik heb zo?n grote 90cm oven en gebruik meestal de hetelucht functie, dus ik heb geen idee welke temperatuur je voor een gewone oven moet gebruiken. Ook zoiets denk ik (heteluchtovens zijn meestal heter, maar omdat mijn oven zo groot is heft dat elkaar weer op).

    Deeg uit de koelkast halen, bakplaat invetten en kleine bolletjes ter grote van een knikker draaien. Geef ze flink de ruimte op de plaat, want ze verdubbelen in grootte! Ik druk ze allemaal een beetje in, dat springt in de oven weer mooi luchtig omhoog.

    Bakplaat in de oven, daar laat ik ze 17 minuten in bakken. In de tussentijd vul ik de tweede bakplaat. Die gaat de oven in zodra ik de eerste eruit haal. De pepernoten schep ik van de plaat met een pannenkoekmes en laat ze op een bord afkoelen.

    De toevoeging van stroop kende ik nog niet, maar dat maakt ze super knapperig. Het kan zijn dat ze nog wat zacht zijn als ze uit de oven komen, maar dat moet verdwijnen zodra ze afkoelen.

    Je kunt ze ook wat voller en meliger laten worden door ipv stroop een eierdooier en een gedeelte bloem ipv. zelfrijzend bakmeel te gebruiken.

    Pannenkoeken!

    Ik moest vandaag onverwachts ‘s avonds werken ipv ‘s ochtends omdat ze vanochtend zo nodig een koperen pijp de grond in moesten drillen voor het huis (voor de waterleiding). Dat betekent dat ik dus ook opeens rekening moet gaan houden met het eten: ofwel voor 6 uur gekookt en gegeten hebben, ofwel Free laten koken. ‘s Middags was ik nogal lui en kwamen Hans en Dona onverwachts met Bertus langsvliegen, dus ‘s middags koken schoot er bij in. Dan Free maar laten koken.

    Pannenkoeken. Free kan best goed koken, maar een van zijn absolute sterkste punten is zijn wel pannenkoeken. Waar ik iets al als een pannenkoek beschouw als het gemaakt is van een beslagje van water en meel, heeft hij de kunst van het pannenkoekenbakken geperfectioneerd. Alle ingredienten zijn natuurlijk strict geheim, maar uiteindelijk creeert hij een prachtig romig mengsel dat een werkelijk geweldige, dunne, zachte, aan de randjes iets knapperige pannenkoek oplevert. Op verzoek bak hij ze ook met ontbijtspek en oude kaas, mjammie. Ik heb heerlijk kunnen smullen tijdens mijn pauze en na het werk. Eigenlijk moet ik maar vaker ‘s avonds gaan werken en hem dan laten koken…

    Runder Vindaloo

    Eergisteren heb ik een heerlijke grote pan Vindaloo gemaakt, die we gisteren en vandaag op hebben zitten smikkelen. 1 kg runderlappen, lekker in de aanbieding bij de C1000. En dan maar sudderen, superzacht en lang. Dat is belangrijk hoor bij rundvlees. Er zijn zelfs theoriën dat je al het vlees het beste heel langzaam gaar kunt laten worden, dus geen aanbraden meer. Nou, of dat waar is weet ik niet, het zal wel, maar daar heb ik het geduld niet voor.

    Een grote gietijzeren pan vol met uit elkaarvallend rundvlees in een heerlijke saus. Wat wil je nog meer? Gewoon al een stukje brood erin soppen is zalig. Kikkererwten erbij om het wat meer body te geven, maar dat doe ik wel pas vlak voordat ik het vlees ga eten, anders vallen die ook helemaal uit elkaar. We vinden die juist zo lekker als ze nog net wat beet hebben. Ik had nog tomaten van die grote tas van Reinier over, dus de saus bestaat puur uit gesmoorde tomaten en het vocht dat uit het vlees komt. Geen water toegevoegd en een rijke saus dat het is! Geweldig. Dat is het grote genieten, dit vind ik nou echte winterkost.

    Tandoori-achtige kipdrumsticks

    Free voelt zich weer niet zo lekker vandaag, dus een makkelijke kindermaaltijd.

    De C1000 had kipdrumsticks dramatisch in de aanbieding, dus die heb ik goed ingeslagen. Ik had geen yoghurt en had er ook niet eerder aan gedacht om een paar drumstick in een tandoori marinade te zetten, dus het is even behelpen. Met olie, kruiden en limoensap maak ik de marinade, de drumsticks ieder 4x in het vlees insnijden en een uurtje laten marineren. Intussen de oven heel erg heet stoken. De drumsticks onder de grill en dan een half uur lekker krokant laten grillen.

    De aardappelschijfjes op een bakplaat leggen en ook krokant (maar niet te) bakken in de oven. Helaas vindt Free ze niet lekker, het zijn ook wel de goedkope aardappelschijfjes, huismerk, en ik moet bekennen dat ik de smaak ook een vervelende bijsmaak vind hebben. Voortaan toch maar wat meer geld er tegenaan smijten en weer lekkere Aviko stuff kopen.

    De kip is gelukkig heerlijk, super knapperig, valt bijna van het bot af zo gaar, maar toch niet droog.

    Tomatensoep met ciabatta

    Vanochtend kreeg Free van Reinier een tas met tomaatjes. Ik was eigenlijk wat anders van plan voor vandaag, er lag immers nog een grote dubbele kipfilet in de koelkast die op moest. En voor soep is een klein halfje meer dan genoeg. Maar goed, die tomatensoep was met dit koude druilerige weer wel erg aantrekkelijk. Het zijn hele mooie kleine rijpe tomaatjes, lekkere pure smaak. Uit de tuin, niet de grond uit gejaagd in een beschermde gecontrolleerde kas zoals die supermarkt tomaten. Vanwege de vele kipfilet maak ik maar een hele grote pan. Wat er overblijft kan ik morgen altijd nog invriezen… maar ons kennende eten we morgen de hele dag nog lekker soep.

    Eenzaam Omeletje

    Free zit de hele dag in Delft op z’n nieuwe kantoor en is vandaag niet thuis met het avondeten. We gaan nu op een “echt” koppel lijken :) Maar goed, voor mezelf iets uitgebreids koken heb ik nooit echt de moeite waard gevonden, dus ik doe lekker eenvoudig: brood met een overheerlijk Delia Smith omelet. Echt, dat is het beste omelet-recept dat ik ooit gehad heb, het is in een minuut klaar (zonder voorbereiding dan) en heerlijk voedzaam. Ik heb brood op de markt gehaald, zo’n groot grof Brood van Toen. Perfecte combinatie met het fluweelzachte romige omeletje. Lekker genieten!

    Sis Kebab

    Op de markt heb ik gisteren kipgehakt gekocht en bedacht me vandaag dat ik daar mooi sis-kebabjes van kon maken.

    Uitje snipperen in de keukenmachine. Dat doe ik meestal iets te enthousiast, het hoeft maar heel erg kort, en zodra je iets te lang door gaat heb je uienmelk. En dat had ik dus. Lombok erdoor snipperen, het mengsel met de sis-kebabmix door het gehakt mengen en lekker koel wegzetten voor een paar uur om te marineren.

    En dan beginnen de problemen. Zodra ik ga koken en de rijst net op staat, oven voorverwarmd, kom ik er achter dat het kippegehakt zo slap als een vaatdoek is. En ik herinner me dat dat me iedere keer van kippegehakt verbaast. Hmm moet ik toch eens onthouden. Prima geschikt voor nasi enzo… maar NIET voor kebabs of hamburgers. Zucht. Geen spiesjes dus.

    Ghee verhitten in een koekenpan en dan maar eilandjes gehakt bakken in de hoop dat het wat wordt. Hmm… hier hoort eigenlijk nan bij. Heb ik dat in huis? Nee. Dus ik stuur Free naar de winkel om het te gaan halen. Belt hij me op om te vertellen dat ze geen nan meer hebben. En het lukt me niet om hem uit te leggen wat Foccaccia is, en dat dat als alternatief gebruikt kan worden. Intussen bakken mijn “kebabjes” zeer stevig aan… mooi zwart kleurtje. Aargh.

    Free komt uiteindelijk terug met een pak pitabroodjes. Totaal niet wat ik bedoelde, maar goed ik moet het er maar mee doen en het is beter dan niets. De komkommer die ik ook besteld had, is hij vergeten. Tweede lading kebabs ook aangebrand. De rijst is gelukkig goed.

    Een lekker muntsausje maken, maar de yoghurt is 4 dagen over de uiterste houdbaarheidsdatum… maar goed, het pak was nog dicht en yoghurt is superlang houdbaar, veel langer dan op zo’n pak staat. Ik heb het geproefd en behalve dan dat de smaak zuurder is geworden (yoghurt die niet meer goed is, smaakt heel duidelijk bitter, schijnt), is het prima.

    Uiteindelijk wordt het een vreemd maal: aangebrande kebabs (maar wel heel lekker), met droge basmatirijst, geen komkommer die hier heel erg bij hoort,shoarmabroodjes en muntsaus.